Afbeelding invoegen
 
Geen neerslag van betekenis
 
Uitvreter

Prins Bernhard is niet alleen een prins van Oranje, hij is ook de koning van de Amsterdamse onroerengoedwereld. Twee koningen voor zo’n klein landje, wat hebben we fout gedaan, vraagt de republikein in mij.
De zoon van prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven heeft zo’n 140 Amsterdamse panden in privébezit plus een paar honderd woningen die zijn ondergebracht in vrolijke-vrienden-bv’s. Alles bij elkaar 590 stuks. Daar omheen hangt nog wat klein bier zoals aandelen in het circuit van Zandvoort.
Natuurlijk kreeg prins-koning Bernhard direct de maatnemers van de Nederlandse media op zijn dakkement toen dit bekend werd. Dit kan toch niet, prins Schurk, prins Huisjesmelker, prins Uitvreter, schaamt u!
Maar wat is er mis aan het bezit van onroerendgoed, vraag ik me af. Vooralsnog voldoen zijn panden aan de regels die gesteld worden in woning- en huisvestingswetten. Vooralsnog zijn er geen overtredingen vastgesteld bij de verhuur van zijn panden en vooralsnog zijn er uit studentenhuizen geen #metoo verhalen gekomen over machtsmisbuik door ene prins B. (wel over ene prins B senior, maar die kwamen van inmiddels bejaarde dames, die er overigens met veel plezier op terugkeken)
Gedraagt prins B zich als een slechte huisbaas, maakt hij misbruik van gaten in de wetgeving of van de krapte op de Amsterdamse huizenmarkt? Als dat zo is dan moet er gehandhaafd worden en wacht hem de guillotine. Of misschien moet de wetgeving worden aangepast, maar tot op heden wijst niets op strafbare feiten. Onroerendgoedkoning Bernard weet dus van de prins geen kwaad. 
Wel heeft het verhuren van huizen in een krappe Amsterdamse woningmarkt  weinig edels in zich, het is een prins onwaardig. De regering zou hem alleen al daarom zijn prinsentitel moeten afpakken.
En als dat niet kan, dan toch in ieder geval zijn bril.