Afbeelding invoegen
 
 
Column
 
Fout
 
Met de kennis van nu moet ik vaststellen dat ik het grootste deel van mijn leven fout ben geweest. Onbewust hebben discriminatoire opvattingen mijn gedrag jarenlang beïnvloed. Dit is geen schuldbekentenis, want gebruikmakend van de Germaanse ontsnappingsroute durf ik oprecht te stellen: ’Ich habe es nicht gewusst’.
Tijd voor openheid van zaken: Na 1988 heb ik 2x de Efteling bezocht en daar oog in oog gestaan met de zwarte monsieur Cannibale, zijn gouden neusring en zijn kookpotten. Ik ben er weliswaar direct aan voorbij gegaan op weg naar meer spectaculaire attracties, maar toch. Terugkijkend was het verstandiger geweest wanneer ik destijds het park direct had verlaten.
Er is meer. Tussen mijn zesde en achtste levensjaar las ik vóór het slapengaan de vroege avonturen van Sjors en Sjimmie. Ik moest meer lachen om de zwarte Sjimmie met zijn dikke lippen dan om de   witte eikel Sjors. Was het maar andersom geweest, denk ik nu.
Daar is het echter niet bij gebleven. Rond mijn twintigste levensjaar had ik een verdienstelijke imitatie van blackface Al Jolson in huis waarmee ik menig familiefeestje opvrolijkte. Fout natuurlijk, maar als verzachtende omstandigheid kan ik aanvoeren dat Mwamba, afkomstig uit voormalig Belgisch Congo en getrouwd met tante Thea, mijn grootste fan was.
Wat in 1973 vanzelfsprekend leek, maar nu echt niet meer zou kunnen: ik heb bij de bokswedstrijd tussen Rudie Lubbers en Mohammed Ali in Djakarta éénzijdig partij gekozen voor de witte  Rudie. Ik meen zelfs dat ik heb geroepen: ‘Geef hem van katoen, Rudie’. Hoe afschuwelijk klinkt dat in deze tijd.
Verder is er nog wat klein bier dat niet onvermeld mag blijven nu ik schoon schip maak: Ik heb echt te veel plezier beleefd aan de travestietenacts van Willy Walden en Piet Muyselaar, Snip en Snap. Excuus dames, excuus heren, excuus anderszins.
Het kan nog erger: in mijn boekenkast is geen boek te vinden van Leon de Winter. Ook niet van zijn echtgenote Jessica Durlacher. Om de schijn van anti-semitisme te vermijden, kijk ik dit jaar niet naar de aflevering van VPRO’s Zomergasten met anti-zionist Dyab Abou Jahjah. Om Jahjah te compenseren heb ik € 10,- overgemaakt naar de Stichting Palestina Fonds Nederland. Het blijft balanceren.
Verder mag het misplaatst genoegen dat ik heb beleefd aan Stan Laurel en Olivier Hardy niet onvermeld blijven. In het bijzonder genoot ik van de Dikke. Ik begrijp nu pas hoe kwetsend hun acts waren en nog steeds zijn voor onze gezette en obese medemens.
Tot slot ook excuses aan mijn vriendin die ik weleens ‘trut’ heb genoemd. Het was niet kwaad bedoeld en ik heb haar noch enige ongehuwde moeder willen kwetsen. Hetzelfde geldt voor ’Mops’. In dit laatste geval gaan mijn excuses ook naar mopshondenvereniging Commedia.
Zo, schoon schip, dat geeft lucht.